2018 1feb

Basisscholen schoonmaken is een vak apart

2018 1feb

Goede hygiëne en het zorgvuldig schoonmaken op basisscholen zijn van cruciaal belang. Dat lijkt logisch, maar in de praktijk blijkt dat niet alle basisscholen altijd even schoon zijn. Maar wat maakt het schoonhouden van een basisschool dan zo lastig? Waarom is het zo belangrijk? En misschien het allerbelangrijkste, hoe kunt u zorgen voor een schone school?

Kinderen brengen een groot deel van hun tijd door op de basisschool. Vijf dagen per week en zo’n vier tot acht uur per dag zijn ze aanwezig in het schoolgebouw. Minstens. Want veel scholen bieden tegenwoordig ook naschoolse opvang aan. Tel daar het feit bij op dat het immuunsysteem van kinderen nog niet volledig ontwikkeld is en het wordt duidelijk dat goede schoonmaak en hygiëne enorm belangrijk zijn.

CBS: kinderen tussen 1 en 15 jaar gemiddeld 16 dagen per jaar ziek

Volgens de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek zijn kinderen tussen 1 en de 15 jaar gemiddeld 16 dagen per jaar ziek. En deze zieke kinderen besmetten gemiddeld 2,4 andere schoolgaande kinderen. Volgens Tork zou het in acht nemen van een aantal eenvoudige hygiënemaatregelen al kunnen leiden tot 34 procent minder afwezigen door ziekte. Simpel, toch? Helaas blijkt het in de praktijk een stuk lastiger te zijn. Zo constateerde de GGD dat vorig jaar een meerderheid van de basisscholen een achterstand had op het gebied van gestructureerde schoonmaak. Met alle gevolgen van dien. Maar wat maakt het schoonmaken van een basisschool dan zo moeilijk?

Schoonmaak basisscholen echt anders dan andere gebouwen

Elke basisschool is anders, zo benadrukt Michel van den Berg, business unit directeur van Gom Onderwijs. Desalniettemin is er een aantal factoren dat (vrijwel) alle basisscholen met elkaar gemeen hebben. Van den Berg: “Basisscholen hebben een paar dingen die ze echt anders maakt dan andere gebouwen. Zoals gebruiksgedrag in toiletten en inloop. De inloop ziet er bijvoorbeeld al anders uit door een zandbak op het schoolplein. Deels is het op te lossen met schoonloopmatten, maar niet helemaal. En het is natuurlijk erg lastig om tegen al die kinderen te zeggen dat ze goed hun voeten moeten vegen.”

Michel van den Berg, business unit directeur van Gom Onderwijs: “Basisscholen hebben een paar dingen die ze echt anders maakt dan andere gebouwen.”
Alois Hilbers, directeur van de Prins Constantijnschool: “Vloeren zijn vooral in de onderbouw een belangrijk thema.”

Vloeren zijn een belangrijk thema

Alois Hilbers, directeur van de Prins Constantijnschool in Goor, die het Schone Frisse School-certificaat heeft ontvangen, voegt daaraan toe: “Vloeren zijn vooral in de onderbouw een belangrijk thema, aangezien kinderen daar nog op de grond spelen.” Vloeronderhoud is dus van groot belang, maar dat levert meteen nog een probleem op. Naast sprayen gebeurt conserveren vaak in de grote schoolvakantie, waardoor er een enorme werkpiek ontstaat als een schoonmaakbedrijf veel basisscholen in onderhoud heeft. Gom beschikt daarom over een groot aantal vloerenspecialisten en probeert dit ook op te lossen door in overleg met de scholen het vloeronderhoud in een andere vakantie uit te voeren.

Een Schone Frisse School

De Prins Constantijn school valt onder het bestuur van de stichting Markant BSV. Deze stichting heeft samen met het schoonmaakbedrijf Care Dienstengroep en de GGD een constructie opgesteld, waarbij de GGD periodiek de scholen onafhankelijk controleert. Na de controles brengt de GGD een rapport uit met bevindingen, aanbevelingen of verplichte verbeterpunten. Wanneer de gebruikers van de school en het schoonmaakbedrijf voldoende samen hebben gewerkt aan een schone school, wordt het certificaat Een Schone Frisse School uitgereikt.

Sanitair grootste struikelblok

De meeste problemen ontstaan op het sanitair van de basisschool. “Als de jongens in de lage groepen net hebben geleerd dat papa staand plast, dan moeten wij ze, samen met het onderwijzend personeel, zover zien te krijgen dat ze het zittend doen. Daarnaast is het belangrijk dat de kinderen tegen de docent durven te zeggen als er een keer iets mis gaat. En ik kan je verklappen, er gaat vaak wat mis,” aldus van den Berg. Tevens wordt het sanitair op een basisschool doorgaans maar één keer per dag schoongemaakt. En dat is vrijwel nooit tijdens schooltijd. Hilbers erkent dat in een ideale situatie de toiletten gedurende de schooldag nog twee keer gereinigd zouden worden. Maar aangezien dat niet het geval is, moeten scholen goed nadenken over hoe je gedurende de dag controle houdt en de toiletten zo schoon mogelijk blijven. Zo is er tijdens de bouw van het nieuwe gebouw van de Prins Constantijnschool bijvoorbeeld nagedacht over looproutes naar de toiletten, zichtbaarheid, vloersoort en de aansluiting van muur naar vloer.

Frisse lucht heeft positieve impact op leerprestaties

Volgens de GGD heeft een gezond binnenklimaat een positieve invloed op het gedrag, de (leer)prestaties en de gezondheid van zowel de leerlingen als de docenten. Een goed werkend ventilatiesysteem is dus van belang. Hilbers: “Bij de bouw van de school zijn een fantastisch klimaatbeheersysteem en luchtbehandelingssysteem ingetekend. Maar nu, acht jaar later, werkt het nog steeds niet. Ik heb ervaring op verschillende scholen en dit is geen uitzondering. In de praktijk is het vaak veel ingewikkelder om dit goed te regelen. Dan moet je als gebruiker zelf een oplossing vinden. De ramen dus zoveel mogelijk open. In elk geval voor aanvang van de dag en tijdens de pauzes.”

Gedragsbeïnvloeding onderdeel van schoonmaak

Leerlingen voorlichten over schoonmaak en hygiëne maakt het werk een stuk makkelijker. Gedragsbeïnvloeding is dan ook een onderdeel van het 1-2-3-Schoon concept van Gom Onderwijs. Van den Berg: “In de lagere groepen draaien wij een interactieve film met Claire, een animatiefiguur die de kinderen uitleg geeft over bijvoorbeeld handen wassen en de regels voor een toiletbezoek. Ze stelt ook haar Gom-collega voor, die in levende lijve in de klas aanwezig is. De kinderen maken zo kennis met onze collega die, vaak buiten schooltijd, hun school schoonmaakt. Ook licht ze toe waarom we dingen op een bepaalde manier doen en wat wij willen dat zij doen. Dan merk je echt dat kinderen bewuster worden en dat het werkt.” Ook op de Prins Constantijn wordt er regelmatig op spelenderwijs aandacht besteed aan schoon gedrag. “In de onderbouw is voorlichting een onderdeel van de dagelijkse routine. Er wordt dan bijvoorbeeld tijdens een kring een prentenboekje voorgelezen over een schoon-onderwerp. Zo geven wij kinderen inzicht in oorzaak en gevolg. Dat heeft zeker effect.”

Budget voor schoonmaak scholen erg strak

Het schoolbestuur krijgt van de overheid een vergoeding voor de schoonmaak, gebaseerd op het aantal leerlingen. Deze vergoeding is al niet torenhoog, maar toch merkt van den Berg dat basisscholen geneigd zijn om een deel van de schoonmaakvergoeding aan iets anders uit te geven. Het budget is dus krap en alleen in goed overleg kun je daar het maximale uithalen. “Als je één-op-één zit samen met een school, dan kan je veel maatwerk leveren. Je moet samen kijken naar hoe je het beschikbare budget het beste kunt gebruiken. Maatwerk betekent echt niet altijd dat het meer geld moet kosten, maar dat je het beter toepast op wat nodig is. Er komt wel steeds meer druk op te staan. De vergoeding stijgt dit jaar slechts met 2,21 procent, terwijl onze eigen kostenindexering hoger ligt. Dan kom je in principe weer iets te kort. Dan moet je samen kijken hoe je dat oplost. Maar qua maatwerk is er eigenlijk altijd meer mogelijk dan je denkt.”

Goed communiceren over gemaakte afspraken over de schoonmaak

Het schoonmaakplan is de verantwoordelijkheid van het schoolbestuur. Meestal wordt dit samen met het schoonmaakbedrijf opgesteld. Het omvat afspraken over wie wat schoonmaakt, wanneer en hoe. Maar met zo’n plan alleen, ben je er nog niet. Volgens Van den Berg is het enorm belangrijk om duidelijkheid te creëren over de gemaakte afspraken en goed met elkaar te blijven communiceren. “Vooral na een contractwissel, dus bij een nieuwe opdrachtgever, is dat heel belangrijk. Als niet iedereen goed op de hoogte is van de gemaakte afspraken, kunnen er teleurstellingen of misverstanden ontstaan. Om dit te voorkomen hangen wij een klassenkaart in de klas, ook in Claire-stijl. Daarop staat precies wat we hebben afgesproken: wat doen wij als schoonmaakbedrijf en wat doet de school zelf.” Hilbers voegt daaraan toe dat niet alleen wederzijdse afstemming, maar ook de gezamenlijke dialoog belangrijk is. “Het is een samenspel tussen schoonmaakbedrijf en school. Als je elkaar kent, dan doe je ook eerder wat voor elkaar. Dus dat de schoonmaker van de desbetreffende school ook daadwerkelijk deel uitmaakt van het team. Dat maakt het makkelijker om elkaar aan te spreken.”

Samen naar een schone school

Het schoonmaken van een basisschool is een vak apart. De gebruikers van het gebouw, de leerlingen, hebben een eigen gebruiksaanwijzing en vergen een bijzondere aanpak. Ze zijn niet zo makkelijk aan te spreken op hun gedrag als een kantoormedewerker. Door middel van gedragsbeïnvloeding is er een hoop ellende te voorkomen. Maar het allerbelangrijkste is maatwerk. Met elkaar kijken hoe het strakke budget optimaal benut kan worden. De school kent haar problemen en het schoonmaakbedrijf kent de oplossingen. Voeg daar duidelijke communicatie tussen alle partijen aan toe en dan wordt er samen gewerkt aan een schone school.



Dit artikel is eerder gepubliceerd door Service Management.