2019 8apr

Onderwijsparticipatie zet door in hbo-opleidingen facility management

2019 8apr

Het onderwijs van studenten Facilitair Management speelt zich steeds vaker buiten de schoolmuren af. Onderwijs, bedrijfsleven en onderzoeksinstellingen trekken meer en meer samen op. Beperkte die intensievere samenwerking zich eerst vooral tot het mbo, ook in het hoger beroepsonderwijs raken theorie en praktijk steeds meer verstrengeld. Zo trokken studenten Facility Management van de Hanzehogeschool Groningen eropuit voor een onderzoek naar hospitality. Hogeschool Rotterdam liet studenten, in opdracht van Gom, de aantrekkingskracht van campussen in kaart brengen. ‘Als die student straks ergens gaat solliciteren heeft hij of zij niet alleen maar theoretische kennis opgedaan, maar ook al relevante praktijkervaring ’, zegt Johan Hoekstra, senior beleidsadviseur Facilitair Bedrijf van de Hanzehogeschool.

Samenwerken met onderwijsinstellingen is voor Gom niet nieuw. Op mbo-niveau 1 zijn er bij Zadkine Startcollege in Rotterdam twee Gom entree-klassen, op niveau 2 is er een samenwerking met het Albeda voor de praktijkleerroute dienstverlening en op niveau 4 bestaat Youngflex al een aantal jaren, waarbij vierdejaars mbo’ers hun eigen bedrijf runnen. Maar onderwijsparticipatie is ook in het hbo waardevol. Zo kwam er in het voorjaar van 2018 een innovatiewerkplaats Campus Design op de Hanzehogeschool Groningen, bedoeld om praktijkvragen te integreren in het onderwijs. Met Gom en de Hanzehogeschool Groningen hebben ook de gemeente Groningen, bedrijvenvereniging WEST en Triade hiervoor de handen ineen geslagen.

Start in 2018 met de innovatiewerkplaats Campus Design

Tientallen innovatiewerkplaatsen

De Hanzehogeschool heeft inmiddels zo’n vijftig van die werkplaatsen, verdeeld over alle opleidingen. ‘Het aantal groeit nog steeds’, zegt Johan Hoekstra. ‘Zo’n innovatiewerkplaats kan een fysieke omgeving zijn, maar ook een virtuele. Waar het om gaat is dat het een samenwerking is tussen onderwijs, onderzoek en beroepspraktijk en er reële opdrachten worden uitgezet. Dat kan een eenmalige opdracht zijn, maar het is bij voorkeur een langer lopende samenwerking. In ieder geval zit er een samenwerkingsconvenant achter.’

Grote toegevoegde waarde

Het snuffelen aan de praktijk is inmiddels vast verankerd in het onderwijsprogramma in Groningen via stages en innovatiewerkplaatsen. ‘Dat studenten ervaring opdoen in de praktijk is een ambitie die we ook hebben gezet in ons strategisch plan 2015-2020. Het is van grote toegevoegde waarde dat studenten tijdens hun opleiding vaak in aanraking komen met de beroepspraktijk, in een setting waarin actuele vraagstukken worden behandeld.’

Onderzoek naar hospitalityopleidingen

Zo’n actueel vraagstuk was er. Gom wilde in kaart brengen in hoeverre opleidingen voor onze medewerkers op het gebied van hospitality aan hun doel beantwoorden. Daarvoor gingen 120 studenten van de Hanzehogeschool acht weken lang op onderzoek op drie locaties: de eigen hogeschool, de gemeente Groningen, beiden opdrachtgever van Gom en het UWV in de stad. Mieke Sprinkhuizen, senior accountmanager bij Gom Onderwijs: ‘De achtergrond van die onderwijsparticipatie is dat we het vak facility management breed willen professionaliseren. Daarvoor hebben we een paar jaar terug al een platform opgericht, samen met andere onderwijsinstellingen. Resultaten van onderzoeken willen we met elkaar delen en overdragen, zodat onderzoek steeds groter en diepgaander wordt. Er zijn actuele thema’s genoeg in facility management en er zijn voldoende studenten die inzetbaar zijn voor onderzoek. Voor zowel facilitaire bedrijven, het onderwijs en voor ons als facilitair dienstverlener is die samenwerking daarom interessant.’

Voorsprong bij sollicitatie

De innovatiewerkplaats leert de hbo-studenten ook vaardigheden aan die minder eenvoudig uit de theorie te halen zijn, constateert Johan Hoekstra. ‘Wij laten onze studenten ervaring opdoen met bijvoorbeeld leidinggeven of met afspraken maken. Als die student straks gaat solliciteren heeft hij of zij niet alleen maar theoretische kennis opgedaan, maar ook echte managementervaring. Zo’n student heeft op de arbeidsmarkt meteen al een voorsprong.’

‘Voor het echie’

Mieke Sprinkhuizen: ‘Je creëert voor die student een real life leeromgeving. Voor het andere  onderzoek, naar de aantrekkelijkheid van campussen, hebben studenten van de Hogeschool Rotterdam eveneens te maken met échte opdrachtgevers. Ze hebben van elk facilitair bedrijf een volledig inzicht gekregen in hoe het facilitair bedrijf is ingericht en wat zij doen om hun campus zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Je krijgt dan echt een diep inkijkje in de facilitaire wereld van, in dit geval, de VU, de UVA, de TU Delft en de Hanzehogeschool Groningen. En als het ‘voor het echie’ is, merk je direct een verandering van attitude bij de studenten.’

Johan Hoekstra beaamt: ‘Ik was bij de presentatie van de onderzoeksresultaten van de studenten van de Hanzehogeschool. Wat mij opviel was dat studenten het niet alleen prettig vonden dat er een actuele opdracht was uitgezet, maar ook dat de opdrachtgever er nauw bij betrokken was. Gom was met een delegatie van zeven personen aanwezig. Bij de studenten gaf dat toch de indruk dat dit een belangrijk onderzoek is. Alles straalde uit dat de studenten serieus werden genomen. Zoiets geeft energie. Niet alleen bij ons op de Hanzehogeschool, maar ook bij Gom heb ik gemerkt.’

Mieke Sprinkhuizen, senior accountmanager Gom Onderwijs

Locatie laten runnen door studenten

Voor de Hanzehogeschool Groningen gaan de ambities op het gebied van onderwijsparticipatie zelfs nog verder. ‘In hogere hotelscholen kun je gewoon gaan eten. Al het werk wordt door studenten gedaan: de ontvangst, het bereiden van het eten. Naar dit voorbeeld onderzoeken we óf en hoe we één van onze locaties zouden kunnen laten runnen door studenten van Facility Management, in dit geval in samenwerking met Gom. Wat betekent het bijvoorbeeld voor de aansturing van het schoonmaakteam? Wat doe je met verantwoordelijkheden? Hoe regel je het budgettair? Hoe we het exact gaan doen, is nog  in onderzoek. Maar het is wel een stip die we alvast op de horizon hebben gezet.’